Het wolfwerende raster
Een goed elektrisch raster is de belangrijkste maatregel tegen wolvenschade. Het werkt niet doordat het onoverkomelijk hoog is, maar doordat de wolf er pijnlijk van leert dat jouw dieren niet te halen zijn. Dat lukt alleen als het raster overal klopt: de juiste hoogte, de onderste draad laag genoeg, genoeg spanning op elke meter en geen zwakke plekken bij poorten en sloten. In deze les gaan we de eisen stap voor stap langs.

De norm: de BIJ12 PreventieKit
In Nederland verwijzen alle provincies voor subsidie en voor de beoordeling van schade naar de Faunaschade PreventieKit van BIJ12, module wolven. De laatste grote actualisatie dateert van november 2024. De getallen hieronder volgen die adviesnorm, zoals de provincies die in hun regelingen en handleidingen overnemen. Controleer voor je gaat bouwen altijd de actuele versie van de PreventieKit en de eisen van je eigen provincie.
De vier basiseisen
| Eis | Adviesnorm in Nederland |
|---|---|
| Hoogte | minimaal 120 cm |
| Onderste stroomdraad | hoogstens 20 cm boven de grond (nergens hoger dan 25 cm) |
| Spanning | minimaal 4.500 volt op elke draad, over de hele lengte |
| Schrikdraadapparaat | minimaal 1,5 joule impulsenergie, bij grote rasters meer |
Stroomdraden zitten altijd aan de buitenkant, waar de wolf het raster als eerste aanraakt.
Vier typen raster
1. Vast raster met alleen stroomdraden. Minimaal vijf draden op 20, 40, 60, 90 en 120 cm, of zes draden op 20, 40, 60, 80, 100 en 120 cm. Onder de 60 cm zit er hoogstens 25 cm tussen de draden, daarboven hoogstens 35 cm. Palen hoogstens tien meter uit elkaar, met stevige hoekpalen en strak gespannen draad.
2. Bestaand gaas met stroomdraden ervoor. Heb je al een stevig gaashek, dan kun je dat wolfwerend maken met minimaal drie stroomdraden aan de buitenkant: de onderste hoogstens op 20 cm, een middelste op 50 tot 60 cm en een bovenste op minimaal 120 cm. De bovenste draad zit hoogstens 15 cm onder de bovenkant van het gaas.
3. Gaas als ondergraafbescherming. Graaf het gaas veertig centimeter verticaal in, of leg minimaal een meter gaas horizontaal naar buiten op de grond. Dan kan de onderste stroomdraad op 20 cm vervallen.
4. Verplaatsbaar raster. Een flexinet moet over de hele lengte 120 cm hoog zijn, met palen hoogstens vier meter uit elkaar en de eerste stroomdraad hoogstens 20 cm boven de grond. Een verplaatsbaar draadraster volgt dezelfde indeling als een vast draadraster. In een praktijkproef in Drenthe werkte een mobiel raster van zes draden goed, met palen hoogstens acht meter uit elkaar en alle draden bij elke hoekpaal met elkaar doorverbonden.
Zwakke plekken dichtmaken
- Poorten: voor een poort gelden dezelfde eisen als voor het raster. Geen kier onder de poort, wel stroom, en een goede verbinding met de rest van het raster.
- Water: een sloot of vaart is geen grens. Zet het raster ook langs de waterkant door.
- Opstapjes: binnen twee meter van de buitenkant mag niets staan wat hoger is dan dertig centimeter, zoals strobalen, houtstapels of een hoog talud.
- Ongelijke grond: in een greppel of kuil komt de onderste draad al snel te hoog. Vlak de grond uit, zet een extra paaltje of draai de isolatoren lager.
Spanning en aarding
Een raster is zo sterk als de spanning op het zwakste punt. Daarvoor heb je drie dingen nodig: een krachtig apparaat, een betrouwbare voeding en een goede aarding.
- Apparaat: minimaal 1,5 joule, en zwaarder bij lange rasters of veel begroeiing.
- Voeding: een accu met zonnepaneel moet ook in lange winternachten genoeg leveren. In de Drentse proef was de enige aanval binnen een raster het gevolg van te lage spanning 's nachts, door een tekortschietende accu of een te klein zonnepaneel.
- Aarding: gebruik voldoende aardpennen, ver genoeg in vochtige grond. Goede aarding is in de praktijk vaak de grootste uitdaging. Laat je hierover adviseren door de wolvenconsulent of de leverancier, want een harde landelijke norm voor het aantal pennen bestaat niet.
Onderhoud: het verschil tussen een goed en een werkend raster
Een raster dat in maart perfect stond, kan in juni lek zijn door gras dat tegen de onderste draad groeit. Daarom:
- Maai de strook onder het raster vóór je het plaatst en daarna regelmatig.
- Meet de spanning minimaal wekelijks, op meerdere plekken en ver van het apparaat.
- Loop minimaal maandelijks het hele raster na op graafgaten, kuilen, slappe draden, de hoogte van de onderste draad, begroeiing en voorwerpen langs de buitenkant.
- Overweeg een spanningsbewaker met alarm. Zo'n apparaat meet de spanning dag en nacht en stuurt een melding naar je telefoon als die zakt. In Drenthe kostte dat minder dan 200 euro.
Wolfwerend is niet wolfproof
Ook een raster volgens de norm geeft geen absolute zekerheid. Overspringen is zeldzaam, maar het is in Gelderland voorgekomen. Het raster verkleint de kans op schade sterk en laat wolven leren dat vee geen makkelijke prooi is. Combineer het waar het kan met andere maatregelen uit les 5 en 6.
Een raster volgens de adviesnorm is daarnaast belangrijk voor je positie. In Gelderland en Limburg geldt sinds 1 november 2025 dat binnen een door de provincie aangewezen maatregelengebied een tegemoetkoming alleen volgt als er een raster volgens de PreventieKit stond. En alleen aanvallen op dieren achter een goed functionerend raster tellen mee om een wolf als probleemwolf aan te merken.
Samengevat
- Nederlandse adviesnorm: 120 cm hoog, onderste draad hoogstens 20 cm, minimaal 4.500 volt, apparaat minimaal 1,5 joule.
- Stroomdraden aan de buitenkant; poorten, waterkanten en opstapjes zijn de zwakke plekken.
- Een betrouwbare voeding en goede aarding zijn net zo belangrijk als het raster zelf.
- Meet wekelijks de spanning en controleer maandelijks het hele raster.
- Wolfwerend is niet wolfproof, maar verkleint de kans op schade sterk en versterkt je positie.
Gecontroleerd op de wet- en regelgeving die geldt op 11 oktober 2026.
Test je kennis
5 vragen. Je hebt er minimaal 4 goed nodig (70%), net als op het echte examen. Je antwoorden worden niet opgeslagen. Oefen zo vaak als je wilt.
- Vraag 1
Wat is in Nederland de adviesnorm voor de hoogte van een wolfwerend raster?
- Vraag 2
Hoe hoog mag de onderste stroomdraad maximaal boven de grond hangen?
- Vraag 3
Welke spanning moet er volgens de adviesnorm minimaal op elke draad staan?
- Vraag 4
Wat was in de Drentse praktijkproef de oorzaak van de enige aanval binnen een raster?
- Vraag 5
Hoe vaak meet je bij voorkeur de spanning op je raster?
